Foto van de Week

25 juni 2012

Mars 2099?

Een koude donkere nacht op Mars, middenin een dorre woestijn. Een smalle door kunstlicht aangelichte weg slingert zich naar een eenzame, door mensen bewoonde buitenpost op de top van een oude berg. Of tenminste... dat is wat een sciencefiction fan zou kunnen maken van dit bijna onaardse uitzicht.

De foto toont eigenlijk ESO's Paranal Observatorium, de aardse thuisbasis van de Very Large Telescope (VLT). Toch kun je je er wel iets bij voorstellen. Misschien aan het eind van deze eeuw, een toekomstig uitzicht op Mars. Daarom gaf fotograaf Julien Girard deze foto de titel "Mars 2099".

Gelegen op 2600 meter hoogte, bevindt ESO's Paranal Observatorium zich in één van de droogste en meest desolate gebieden op aarde; de Chileense Atacama woestijn. Het landschap is zo Martiaans, dat de European Space Agency (ESA) en de NASA in deze regio de Mars rovers testen. Een ESA-team testte bijvoorbeeld onlangs de zelf-sturende Seeker rover, zoals te lezen is in ann12048 .

Dit beeld werd genomen in de schemering, vanaf de VISTA-onderzoek telescoop op een aangrenzende piek in de richting van de VLT in het zuidwesten. In het westen ligt de Grote Oceaan op ongeveer 12 kilometer van Paranal. Uit de top van Paranal lijkt de Melkweg op te rijzen, met het onmiskenbare herkenningspunt van de zuidelijke hemel - het Zuiderkruis.

Op Paranal, kan de lucht zo helder, en tijdens maanloze nachten, zo donker zijn dat alleen al het licht van de Melkweg genoeg is om schaduwen te creëren. Daarom koos ESO deze plek voor de VLT, en profiteert deze sterrenwacht van één van de beste observatieomstandigheden ter wereld.

Julien Girard is een ESO-astronoom gevestigd in Chili en werkzaam bij de VLT. Hij stuurde deze foto naar de Flickr pagina "Your ESO Pictures". De foto's in deze groep worden regelmatig beoordeeld en de beste foto's plaatsen we als Foto van de Week, of in onze photo gallery. In 2012, als onderdeel van de 50-jarig jubileum jaar ESO's, zijn ook uw historische ESO-gerelateerde beelden welkom.

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


18 juni 2012

Yepun's laser en de Magelhaense Wolken

Een van de belangrijkste vijanden van astronomen is de aardse atmosfeer, waardoor de hemellichamen wazig worden weergegeven als ze vanaf de grond door telescopen worden waargenomen. Om dit tegen te gaan, gebruiken astronomen een techniek met de naam 'adaptive optics', waarbij computergestuurde vervormbare spiegels honderden keren per seconde worden aangepast, om zo de vervorming van de atmosfeer corrigeren.

Dit spectaculaire beeld toont Yepun, de vierde 8,2-meter-telescoop van de Very Large Telescope (VLT), die een krachtige gele laserstraal de lucht in stuurt. De straal zorgt voor een kleurrijke plek - een kunstmatige ster - in de atmosfeer doordat hij op een hoogte van 90 km een laag van natriumatomen activeert. Deze Laser Guide Star (LGS) maakt deel uit van het adaptieve optisch systeem van de VLT. Het licht dat terugkomt van de kunstmatige ster dient als referentie voor het aansturen van de vervormbare spiegels. Op deze manier corrigeert men de invloed van atmosferische verstoringen vrijwel volledig. De VLT maakt hierdoor astronomische beelden die bijna zo scherp zijn als die van een telescoop in de ruimte.

Yepun's laser is niet het enige dat fel aan de hemel gloeit. Ook de Grote en Kleine Magelhaanse Wolk, respectievelijk links en rechts van de laserstraal, zijn te zien. Deze onregelmatige dwergstelsels zijn opvallende objecten aan de zuidelijke sterrenhemel, ze staan relatief dichtbij en kunnen gemakkelijk met het blote oog worden waargenomen. De prominente heldere ster aan de linkerkant van de Grote Magelhaense Wolk is Canopus, de helderste ster in het sterrenbeeld Carina (Kiel). De ster rechts bovenin het beeld is Achernar, de helderste in het sterrenbeeld Eridanus (de rivier).

Deze foto werd gemaakt door Babak Tafreshi, een ESO Photo Ambassador.

Noten [1] De vier telescopen van de VLT zijn vernoemd naar hemellichamen in de inheemse Mapuche-taal, Mapudungun. De telescopen (UTS) heten: Antu (UT1, zon); Kueyen (UT2, Maan); Melipal (UT3, het Zuiderkruis) en Yepun (UT4, Venus).

Vertaling: Peter Middelkoop

Links


11 juni 2012

Een waterval van sterren

Veel astronomische foto's bieden prachtige vergezichten op de hemel, en deze is daarop geen uitzondering. Hoewel er aan dit panorama wel iets ongewoons is. Achter ESO's Very Large Telescope (VLT), lijken twee banen van sterren zich als een waterval naar beneden te storten, of misschien stijgen ze wel op als rookkolommen. Dat komt doordat dit panorama de gehele hemelkoepel weergeeft, van het zenit naar beneden tot aan de horizon, en daarlangs 360 ​​graden rond. De twee stromen zijn in feite één band: het vlak van onze melkweg dat als een boog langs de hemel loopt, van horizon tot horizon. Het gedeelte recht boven ons wordt uitgerekt over de gehele bovenrand van het panorama. De vervorming die nodig is om het volledige hemelgewelf in een vlak, rechthoekig beeld te persen

Om te begrijpen wat je ziet, kun je je voorstellen dat de linkerrand van de foto wordt vastgemaakt aan de rechterkant, zodat het beeld in een lus om je heen staat en dat de bovenrand wordt samengetrokken naar een punt boven je hoofd. Zo word je omringd door de volledige hemelkoepel.

Aan de linkerkant van het beeld, boven het gebouw, is het silhouet te zien van een paal met windzak. Aan de linkerkant van de windzak, zie je als heldere vlek de Kleine Magelhaense Wolk, een naburig sterrenstelsel van de Melkweg. Aan de rechterkant, in het vlak van de Melkweg, de rode gloed van de Carina-nevel. Daarboven de duisternis van de Kolenzaknevel, naast de het Zuiderkruis, en iets hoger nog zijn de twee heldere sterren Alpha en Beta Centauri zichtbaar. De vier hoge gebouwen in de afbeelding huisvesten de 8,2-meter Unit Telescopes (UTs) van de VLT. Tussen de twee UTs aan de rechterkant staat het kleinere gebouw van de VLT Survey Telescope. Aan de rechterkant van het beeld staat de planeet Venus nog net boven de horizon als een gloeiende bol.

Dit panorama, waarin niet alleen de VLT op de bergtop van Cerro Paranal, maar ook de prachtige hemel erboven die door het observatorium wordt bestudeerd te zien is, werd gemaakt door ESO Foto Ambassadeur Serge Brunier. Net zoals de VLT's state-of-the-art technologie ons zicht op het universum vergroot, maakt Serge gebruik van de meest geavanceerde fototechniek om in één beeld het hele uitspansel vast te leggen. - veel meer dan onze ogen in één blik kunnen omvatten.

Vertaling: Peter Middelkoop

Links


4 juni 2012

Computergebruik bij ESO door de jaren heen - De verbazingwekkende technologische vooruitgang

Verschuif het groene balkje om de foto's met elkaar te vergelijken.

ESO wordt dit jaar 50. En om deze belangrijke verjaardag te vieren, geven we u een inkijkje in onze geschiedenis. In 2012 tonen we eens per maand een speciale 'Toen en nu'-vergelijking als Foto van de week. We laten zien wat er de afgelopen decennia is veranderd op de sterrenwachten La Silla en Paranal, het ESO-kantoor in Santiago de Chile en het hoofdkwartier in Garching bij München, in Duitsland.

De foto's van deze maand laten zien hoe in de tijd de door ESO gebruikte rekenkracht drastisch is veranderd. Beide foto's tonen hetzelfde beeld maar gescheiden door enkele decennia: de Oostenrijkse astronoom Rudi Albrecht voor een ESO computersysteem.

Op deze historische foto, genomen in 1974 op het ESO-kantoor in Santiago, Chili, zien we hoe Albrecht met een potlood in de hand en gezeten voor een telex, zich buigt over een vel computercode. Hij werkt aan software voor de Spectrum Scanner gekoppeld aan de ESO 1-meter telescoop (ontmanteld in 1994), die zich op het La Silla Observatorium bevond. De gegevens werden verwerkt in Santiago met de Hewlett Packard 2116 minicomputer die zichtbaar is achter de printer. Deze omvangrijke computer met één processor en een adembenemende 16 kilobytes aan magneetkerngeheugen (!), bewaarde de resultaten op magneettape. Het was dan klaar voor verdere verwerking door astronomen op computers in hun eigen instituten. Om bestanden van tape te verwerken die groter waren dan het beschikbare geheugen, ontwikkelde Albrecht een virtueel geheugen, wat tevens een bijdrage was aan het Hewlett Packard Software Center.

De hedendaagse foto toont Albrecht in het Datacenter van het ESO-hoofdkwartier in Garching bij München, Duitsland. dat de gegevens van de ESO-telescopen beheert en verspreidt. Hij staat voor een rek met daarin een systeem dat bestaat uit 40 processoren, 138 terabytes aan opslagcapaciteit en 83 gigabyte aan RAM-geheugen. Dat is 5 miljoen keer meer dan de machine die door hem werd gebruikt in 1974! Alleen al de tabletcomputer die hij vasthoudt presteert beter dan die oude machine en biedt een modern alternatief voor potlood en papier. In de loop der jaren zijn de ESO-computersystemen ontwikkeld om de steeds groter wordende stroom wetenschappelijke data, afkomstig van telescopen van het observatorium, te kunnen blijven vastleggen. Verbeteringen in de telescopen, detectoren en computertechnologie zorgen ervoor dat observatoria nu grote hoeveelheden beelden, spectra, en catalogi produceren. De twee survey-telescopen op Paranal bijvoorveeld, de VST en VISTA, produceren samen meer dan 100 terabyte aan data per jaar. De dagen van magneetband en 16 kilobyte aan geheugen liggen inmiddels lichtjaren achter ons.

vertaling: Peter Middelkoop


28 mei 2012

De zuidelijke Melkweg boven ALMA

ESO Photo Ambassador Babak Tafreshi legde dit opmerkelijke beeld van de antennes van de Atacama Large Millimeter / submillimeter Array (ALMA) vast, afgezet tegen de pracht van de Melkweg. De rijkdom van de avondhemel op deze foto getuigt van de onvolprezen astronomische omstandigheden van de 5.000 meter hoge Chajnantor-hoogvlakte in de Chileense regio Atacama.

Deze weergave toont de sterrenbeelden Carina (Kiel) en Vela (Zeilen). De donkere, piekerig stofwolken van de Melkweg stroken van het midden linksboven naar midden rechts onderaan. De heldere oranje ster in de linkerbovenhoek is Suhail in Vela, terwijl we boven in het midden, in Vela, de eveneens oranje ster Avior zien. Van de drie heldere blauwe sterren die een 'L' in de buurt van deze sterren vormen, behoren de linker twee tot Vela en de rechter tot Carina. Precies in het midden van het beeld, onder deze sterren, pronkt de roze gloed van de Carinanevel (eso1208).

ESO, de Europese partner in ALMA, verstrekt 25 van de 66 antennes die de telescoop complementeren. De twee antennes die het dichtst bij de camera staan, waarop de zorgvuldige kijker de markeringen "DA-43" en "DA-41" ziet, zijn voorbeelden van deze Europese antennes. De bouw van de volledige ALMA-opstelling wordt afgerond in 2013, hoewel de telescoop nu al waarnemingen met een deel van de antenneopstelling mogelijk maakt.

Babak Tafreshi is de oprichter van The World At Night, een programma voor het maken en exposeren van een prachtige fotocollectie en time-lapse video’s van `s werelds mooiste en meest historische plaatsen tegen een nachtelijke achtergrond van sterren, planeten en hemelse gebeurtenissen.

ALMA is een internationale astronomische faciliteit. Het is een project van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Vertaling: Teun van Vijfeijken


21 mei 2012

IJzige boetelingen in het maanlicht op Chajnantor

Babak Tafreshi, een van de ESO Photo Ambassadors, heeft een vreemd fenomeen op de Chajnantor-hoogvlakte vastgelegd, de locatie waar de Atacama Large Millimeter/submillimeter array (ALMA) staat.

Deze bizarre ijs- en sneeuwformaties staan bekend als penitentes (Spaans voor boetelingen). De penitentes worden verlicht door het schijnsel van de maan, die rechts op de foto zichtbaar is. Links, hoger hemelwaarts, zien we de Grote en Kleine Magelhaense Wolken zwakjes, terwijl de roodachtige gloed van de Carinanevel helemaal links en dicht bij de horizon zichtbaar is.

De penitentes zijn natuurwonderen die voorkomen in hooggelegen regio’s boven de 4.000 meter boven zeeniveau, zoals hier in de Chileense Andes. Ze bestaan uit dunne pieken en sprieten van ijs en hard geworden sneeuw. Penitentes ontstaan vaak in clusters, waarbij de sprieten op de zon gericht staan. De hoogte varieert van enkele centimeters - lijkend op gras - tot vijf meter, als een bevroren woud midden in de woestijn.

De exacte details over het ontstaan van de penitentes zijn nog steeds niet helemaal duidelijk. Vele jaren geloofden de bewoners van de Andes dat de sterke wind die het Andesgebergte geselde de penitentes vormde. Maar die sterke wind speelt maar een beperkte rol in het ontstaan van deze ijzige toppen. Vandaag de dag denkt men dat het komt door een combinatie van natuurkundige fenomenen.

Het proces begint bij zonlicht dat op de sneeuw valt. Door de zeer droge omstandigheden in deze woestijnregionen, sublimeert het ijs in plaats van dat het smelt: er is een directe overgang van vaste fase naar de gasfase, waarbij de vloeibare fase wordt overgeslagen. In holtes in het sneeuwoppervlak wordt gereflecteerd licht opgevangen, waardoor er meer sublimatie en diepere sleuven ontstaan. Doordat de temperatuur en de luchtvochtigheidsgraad toenemen, kan het ijs in deze sleuven wél smelten. Deze positieve terugkoppeling versnelt de groei van de karakteristieke vorm van de penintentes.

Deze ijzige standbeelden zijn vernoemd naar de puntige hoeden van de nazarenos, leden van een bondgenootschap dat deelneemt aan paasprocessies over de hele wereld. Het is niet moeilijk om hen te zien als ijsmonniken die samenkomen in het maanlicht.

De foto werd genomen aan de weg die naar ALMA leidt. Dit observatorium, waar de eerste wetenschappelijke waarnemingen starttn op 30 september 2011, zal uiteindelijk bestaan uit 66 hoge-precisie-antennes die samen één enorme telescoop vormen.

ALMA, een internationale astronomische faciliteit, is een samenwerkingsverband van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Links

Vertaling: Teun van Vijfeijken


7 mei 2012

Drie zeer verschillende telescopen op La Silla

ESO wordt dit jaar 50. En om deze belangrijke verjaardag te vieren, geven we u een inkijkje in onze geschiedenis. In 2012 tonen we eens per maand een speciale 'Toen en Nu'-vergelijking als foto van de week. We laten zien wat er de afgelopen decennia is veranderd op de sterrenwachten La Silla en Paranal,  de ESO-kantoren in Santiago de Chile en het hoofdkwartier in Garching bij München, in Duitsland.

Deze twee foto's werden genomen op de hoogste top van La Silla, een berg met een hoogte van 2400 meter, aan de rand van de Chileense Atacama-woestijn. La Silla was de eerste ESO-sterrenwacht. De historische foto, genomen in 1975, toont een deel van de vrachtwagens en andere machines die gebruikt werden tijdens de bouw van de koepel van de ESO 3,6-meter telescoop die aan de gang was achter de fotograaf. Links op de foto staan de tanks met de watervoorraad voor de La Silla site.

Op de recente foto zijn drie nieuwe telescopen verschenen die uiterlijk nogal van elkaar verschillen. Rechts van de watertanks staat de ESO New Technology Telescope (NTT), die in gebruik is genomen op 23 maart 1989. Deze 3,58-meter telescoop was de allereerste telescoop met een computergestuurde hoofdspiegel, waarvan de vorm aanpasbaar is om zo tijdens de observaties de beeldkwaliteit te optimaliseren. De achthoekige behuizing van de NTT bevat nog een andere technologische doorbraak. Met behulp van een kleppensysteem wordt een luchtstroom gecontroleerd over de spiegel geleid met als resultaat een verminderde turbulentie en daardoor scherpere beelden.

Rechts van de NTT staat de Zwitserse 1,2-meter telescoop Leionard Euler, met een traditionelere koepelvormige behuizing. Deze telescoop wordt beheerd door het Geneva Observatory van de Université de Genève in Zwitserland, en is operationeel sinds 12 april 1998. Hij wordt gebruikt voor de zoektocht naar exoplaneten aan de zuidelijke hemel en zijn eerste ontdekking was een planeet in een baan rond de ster Gliese 86 (zie eso9855). De telescoop observeert daarnaast veranderlijke sterren, gammaflitsen en actieve sterrenstelsels.

Rechts op de voorgrond staat een gebouw met als bijnaam de sarcofaag (sarcophagus). Dit is de huisvesting van de TAROT (Télescope à Action Rapide pour les Objets Transitoires, of Rapid Action Telescope for Transient Objects) en is in werking op La Silla sinds september 2006. Deze snel bewegende, relatief kleine 25-centimeter telescoop-robot reageert uiterst snel op de waarschuwingssignalen die satellieten doorgeven over de positie van spectaculaire maar kortdurende gammaflitsen. Met het observeren van deze kosmische explosies bestuderen astronomen de vorming van zwarte gaten en de evolutie van sterren in het vroege heelal. TAROT wordt  bediend door een consortium onder leiding van Michel Boer van het Observatoire de Haute Provence in Frankrijk.

De NTT wordt beheerd door ESO, terwijl de Leonhard Euler Telescope en TAROT horen bij de nationale- en projecttelescopen die worden gehost op La Silla. Ook vandaag de dag nog, meer dan 40 jaar na de opening, opereert la Silla in de voorhoede van de astronomie.

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


30 april 2012

Zon, maan en telescopen boven de woestijn

De buitenaardse schoonheid van de Chileense Atacama-woestijn, de thuisbasis van ESO’s Very Large Telescope (VLT), strekt zich uit tot aan de horizon in dit panorama.  Op Cerro Paranal, de hoogste top in het midden van deze foto, staan de vier grote telescopen van de VLT, elk met een spiegeldiameter van 8,2 meter. Op de top links van Cerro Paranal staat de VISTA survey telescoop. Deze 4,1-meter telescoop onderzoekt grote delen van de hemel, op zoek naar interessante doelen die de VLT, en andere telescopen op de grond en in de ruimte, in meer detail zullen bestuderen.

Deze regio biedt enkele van de beste omstandigheden op onze planeet voor het bekijken van de nachtelijke hemel. Rechts op dit 360-graden panorama gaat de zon onder boven de Stille Oceaan, die daarbij lange schaduwen over het berglandschap werpt. Links straalt de maan aan de hemel. Kort hierna zullen de nachtelijke observaties beginnen.

Dit prachtige panorama is gemaakt door Serge Brunier, een ESO foto ambassadeur. Het is een van de vele inspirerende beelden waarin hij de ESO-observatoria , hun mooie locaties en de pracht van de hemel erboven vastlegt.

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


23 april 2012

De maan en de boog van de Melkweg

Eso fotograaf Stephane Guisard maakte in de Chileense Andes dit verbazingwekkende panorama van de plek waar ALMA (Atacama Large Millimeter/submilimeter Array) staat. Het 5000 meter hoge en extreem droge Chajnantor-plateau biedt de perfecte plaats voor deze state-of-the-art telescoop, die het heelal bestudeert in licht uit het millimeter en submillimeter golflengtegebied.

Tal van reusachtige antennes domineren het midden van de foto. Als ALMA voltooid is, staan er 54 van deze 12-meter schotels. Daarboven doet de boogvormige Melkweg dienst als schitterend decor. Toen dit panorama gemaakt werd, stond de maan dicht bij het centrum van de Melkweg waardoor de antennes baden in een spookachtige, nachtelijke gloed. De grote en kleine Magelhaense Wolken, de grootste van de dwergsterrenstelses die onze melkweg vergezellen, zijn links aan de hemel zichtbaar als twee lichte vlekken. Een bijzonder heldere meteoor trekt een lichtspoor in de buurt van de Kleine Magelhaense wolk.

Rechts staan een aantal kleinere 7-meter ALMA-antennes. Twaalf stuks vormen straks de Atacama Compact Array. Nog verder naar rechts schijnen de lichten van de Array Operations Site Technical Building en tot slot, achter de gebouwen, dreigt de donkere top van Cerro Chajnantor.

ALMA, een internationale astronomische faciliteit, is een samenwerkingsverband van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Links

vertaling: Peter Middelkoop


16 april 2012

APEX, de schildwacht van Chajnantor

De Atacama Pathfinder Experiment (APEX) telescoop is naar de hemel gericht tijdens een heldere, maanverlichte nacht op Chajnantor. Chajnantor is een van de hoogstgelegen en droogste waarnemingslocaties ter wereld. Astronomische juweeltjes vullen de hemel boven de telescoop: de nalatenschap van de uitstekende omstandigheden die deze locatie in Chili's Atacama-regio biedt.

Links stralen de sterren die onderdeel uitmaken van het sterrenbeeld Scorpius (de Schorpioen). De angel van de Schorpioen wordt verbeeld door de twee heldere sterren die opvallend dicht bij elkaar te vinden zijn. De band die de hele hemel bestrijkt en op vage, stralende wolken lijkt, is het vlak van onze Melkweg.

Naast de Schorpioen zien we het sterrenbeeld Sagittarius (de Boogschutter) boven APEX' schotel. Tussen de Schorpioen en de Boogschutter is een fonkelende cluster sterren duidelijk zichtbaar. Dit is de open sterrenhoop Messier 7, ook wel bekend als de Ptolemaeuscluster. Eronder en iets naar rechts vinden we de Vlindercluster: Messier 6. Verder naar rechts – nét boven de schotel van APEX – zien we een vage wolk die eruitziet als een heldere vlek. Dit is de beroemde Lagunenevel (bekijk eso0936 voor een close-up).

Met een primaire schotel met een diameter van 12 meter is APEX de grootste submillimeter-golflengte-telescoop met een enkelvoudige schotel op het zuidelijk halfrond. Zoals de naam van de telescoop doet vermoeden, effent hij de weg voor het grootste submillimeterobservatorium ter wereld: de Atacama Large Millimeter/submilliter Array (ALMA), dat in 2013 gereed moet zijn (zie ook eso1137). APEX deelt het gebied met de 66 antennes van ALMA op de 5.000 meter hoge Chajnantor-hoogvlakte in Chili. De APEX-telescoop is gebaseerd op een prototype dat voor het ALMA-project is ontwikkeld en gaat op zoek naar zo veel mogelijk doelen die ALMA in ongekend detail zal gaan bestuderen.

ESO Photo Ambassador Babak Tafreshi heeft dit panoroma geschoten met een telelens. Babak is daarnaast ook de oprichter van The World At Night, een programma waarbinnen adembenemende foto’s en time-lapse-video’s worden gemaakt en tentoongesteld van bijzondere (historische) plekken tegen de achtergrond van sterren, planeten en andere hemelverschijnselen.

Meer informatie

APEX is een samenwerkingsverband van het Max-Planck-Institut für Radioastronomie (MPIfR), de Onsala Space Observatory (OSO) en ESO. Het gebruik van de telescoop is toevertrouwd aan ESO.

ALMA is een internationale astronomische faciliteit. Het is een project van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Links


Vertaling: Teun van Vijfeijken


9 april 2012

Rondje Chajnantor - Een 360-gradenpanorama

Hoewel Cerro Chico de wonderbaarlijke hoogte van 5.300 meter boven zeeniveau haalt, is het slechts een kleine berg in het majestueuze plateauland van de Andes. Zijn naam betekent dan ook simpelweg 'kleine berg' in het Spaans. Dankzij zijn locatie op de Chajnantor hoogvlakte biedt de relatief makkelijk bereikbare top van Cerro Chico een uitstekend uitkijkpunt waarvan je van dit fantastische uitzicht kunt genieten.

Het midden van deze 360-gradenpanorama toont het noordoosten, waar de hoogste vulkanen – sommige meten meer dan 5.500 meter – zijn gelegen. Recht vooruit zien we Cerro Chajnantor zelf. Meer naar rechts, op het plateau, zien we de Atacama Pathfinder Experiment (APEX) telescoop met daarachter de berg Cerro Chascon. Nog verder naar rechts, in het zuidoosten, is de hoogvlakte van Chajnantor bijna helemaal zichtbaar. Niet alleen de APEX-telescoop is zichtbaar, maar we kunnen rechts ook drie antennes van de Atacama Large Millimeter/submillimeter (ALMA) ontwaren. Sinds het moment van opname zijn nog vele antennes toegevoegd.

Links van Cerro Chajnantor ligt Cerro Toco. Nog verder naar links, in het noordwesten, valt een conische vorm op: de vulkaan Licancabur.

Doordat de Chajnantor-hoogvlakte op zo’n 5000 meter hoogte ligt, is de lucht er zo droog en ijl, dat ademen uiterst lastig wordt. Maar dankzij deze extreme omstandigheden kan de uit het heelal afkomstige millimeter- en submillimeterstraling echter zonder problemen door het beetje atmosfeer boven de telescooplocaties doordringen en worden opgevangen door gevoelige telescopen als ALMA en APEX.

APEX is een samenwerking tussen het Max Planck Institute for Radio Astronomy (MPIfR), de Onsala Space Observatory (OSO) en ESO. De telescoop wordt gebruikt door ESO.

ALMA, een internationale astronomische faciliteit, is een samenwerkingsverband van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Vertaling: Teun van Vijfeijken


2 april 2012

La Silla, de eerste thuishaven voor ESO-telescopen - ESO's eerste sterrenwacht Toen en Nu

Verschuif de het groene balkje om de foto's met elkaar te vergelijken

ESO wordt dit jaar 50. En om deze belangrijke verjaardag te vieren, geven we u een inkijkje in onze geschiedenis. In 2012 tonen we eens per maand een speciale 'Toen en Nu'-vergelijking als foto van de week. We laten zien wat er de afgelopen decennia is veranderd op de sterrenwachten La Silla en Paranal,  de ESO-kantoren in Santiago de Chile en het hoofdkwartier in Garching bij München, in Duitsland.

Deze historical image werd genomen rond 1970 vanuit de slaapzalen op la Silla, die lager op de berghelling liggen dan de telescoopkoepels. Aan de linkerkant zie je het hoogste punt van de berg. Het metalen object dat zichtbaar is op de bergtop is geen telescoop maar een watervoorraadtank voor de site. De witte koepel middenin het beeld is de ESO 1-meter Schmidt telescoop, die in gebruik is genomen in februari 1972. Uiterst rechts op de foto, net boven de bergkam, is de ESO 1-meter telescoop zichtbaar en links daarvan zie je nog net de Grand Prisme Objectif telescoop.

De present-day photograph toont de oude slaapgebouwen, maar er zijn er de afgelopen decennia ook bijgebouwd. De meest opvallende veranderingen zijn echter zichtbaar op de top van La Silla aan de linkerkant. Op het hoogste punt staat de ESO 3,6-meter telescoop, die in gebruik is sinds november 1976. De 3,6-meter is de thuisbasis van HARPS, de belangrijkste exoplaneten-jager. (zie eso1134 en eso1214) voor een aantal recente resultaten). De 3,6-meter telescoop, die al vanaf de start van ESO gepland stond, vormt als grootste telescoop de bekroning van het La Silla Observatorium en de bouw ervan was indertijd een grote technische prestatie. De kleinere koepel, zichtbaar voor de 3,6-meter, is de 1,4-meter Coude Auxiliary Telescope, die een aanvulling is op zijn grote buurman.

Rechts van de 3,6-meter staat de 3,58-meter New Technology Telescope (NTT), te herkennen aan de hoekige, metaalkleurige behuizing. De NTT, in gebruik genomen in maart 1989, was de eerste telescoop ter wereld met een computergestuurde spiegel. Hij werd gebruikt als een voorloper van de Very Large Telescope. Veel nieuwe technologie, die vervolgens gebruikt werd in de latere telescoop werd hiermee getest.

Andere nieuwe gebouwen in de hedendaagse foto zijn de werkplaats onder de watertanks, en de Differential Image Motion Monitor (DIMM). Deze staat op palen tussen de werkplaats en de ESO 1-meter Schmidt telescoop en wordt gebruikt om atmosferische verstoringen te meten.

La Silla is vandaag de dag nog steeds een zeer actieve sterrenwacht waar belangrijke ontdekkingen worden gedaan. Zowel de NTT als de 3,6-meter telescoop zijn van vitaal belang geweest voor het verkrijgen van gegevens die leidden tot de ontdekking van de versnellende uitdijing van het heelal - een ontdekking waarvoor de 2011 Nobel Prize in Physics was awarded

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


26 maart 2012

Was je maar hier

De Franse fotograaf Serge Brunier – één van ESO’s Photo Ambassadors – heeft dit naadloze 360-gradenpanorama van de Chajnantor-hoogvlakte gemaakt. Op deze hoogvlakte, gelegen in de Atacama-woestijn, wordt momenteel de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array (ALMA) gebouwd.

Het panorama heeft de antennes van ALMA ietwat vervormd, maar het geeft wel een goede indruk hoe het moet zijn om middenin dit indrukwekkende, nieuwe observatorium te staan. Het 360-gradenaanzicht laat eveneens de totale isolatie van de Chajnantor-hoogvlakte zien. Op een hoogte van 5000 meter lijkt de omgeving total leeg te zijn, op enkele bergpieken en heuveltoppen na.

Hoewel het realiseren van zo’n ambitieus telescoopproject in deze afgelegen en onherbergzame omgeving een uitdaging vormt, is dit hooggelegen oord perfect voor submillimeter-astronomie. Waterdamp in de atmosfeer absorbeert dit type straling, maar de lucht op hoge locaties als Chajnantor is veel droger. 

Op 30 september 2011 werden ALMA’s eerste wetenschappelijke waarnemingen gedaan. Hiervoor werd een gedeeltelijke opstelling van de antennes gebruikt. Wanneer het observatorium gereed is, zullen de vijftig indrukwekkende 12-meter antennes – en ook de kleinere opstelling van vier 12-meter en twaalf 7-meter antennes, bekend als de Atacama Compact Array (ACA) – het geïsoleerde landschap een stuk minder leeg doen lijken. Ondertussen leggen foto’s als deze de vooruitgang van deze telescoopfaciliteit van wereldklasse vast.

ALMA is een internationale astronomische faciliteit. Het is een project van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Vertaling: Teun van Vijfeijken


12 maart 2012

Een poederlaagje sneeuw in de Atacama-woestijn

De koepels van ESO’s  Very Large Telescope baden in het zonlicht tijdens -alweer- een schitterende onbewolkte dag, op de top van de Cerro Paranal. Toch is er iets ongewoons aan deze foto. Een dun laagje
poedersneeuw bedekt het woestijnlandschap en dat zie je hier niet elke dag. In tegendeel: de Atacama woestijn kent vrijwel geen neerslag.

Er zijn verschillende factoren die bijdragen aan de droge condities van de Atacama-woestijn. Het Andes-gebergte blokkeert regen uit het oosten en het Chileense kustgebergte vanuit het westen. De koude aflandige Humboltstroom in de Grote Oceaan zorgt voor een tegengestelde koele luchtstroom waarin geen regenwolken tot ontwikkeling kunnen komen. Tot slot is er een hogedrukgebied boven het zuid-oosten van de Grote Oceaan dat in de Atacama voor een droog klimaat zorgt. Dat alles bij elkaar maakt dat deze regio wordt beschouwd als de droogste plek op aarde!

De neerslaghoeveelheid in Paranal is gewoonlijk maar een paar millimeter per jaar, met een luchtvochtigheid die vaak onder de 10% ligt en temperaturen tussen -8 en 25 graden Celcius. Deze droge omstandigheden in de Atacama-woestijn waren een belangrijke reden voor ESO om hier op Cerro Paranal de Very Large Telescope te bouwen. En een incidenteel sneeuwbuitje mag dan soms tijdelijk de droogte verstoren, het levert wel zeldzaam mooie plaatjes op.

Deze foto is gemaakt door ESO-fotograaf Stéphane Guisard op 1 augustus 2011

Vertaling: Peter Middelkoop


5 maart 2012

Een blik op het verleden – La Silla’s transformatie

ESO wordt dit jaar vijftig. Om dat te vieren, nemen we je mee op reis door ons verleden. In heel 2012 tonen we elke maand een bijzondere ‘Toen en Nu’-foto. Met deze foto’s laten we zien welke veranderingen door de decennia heen hebben plaatgevonden voor La Silla Obeservatorium, Paranal Observatorium, de ESO-kantoren in Santiago, Chili en het ESA-hoofdkantoor in Garching bei München, Duitsland.

Hierboven staan twee foto’s van La Silla: één genomen in juni 1968 en één vandaag de dag. De foto’s zijn vlakbij de watervoorziening van het observartorium gemaakt en tonen het terrein. Met de mouseover-afbeeldingsvergelijker kun je de veranderingen nader bekijken.

Op de historische foto zijn de provisorische verblijven zichtbaar op de voorgrond. De drie telescopen op de achtergrond zijn, van links naar de rechts, de Grand Prism Objectif (GPO, first light in 1968), de ESO 1-meter telescoop (first light in 1966) en de ESO 1,5-meter telescoop (first light in 1968). Deze drie telescopen waren de eerste in La Silla. In de dichtstbijzijnde witte koepel huist de ESO 1-meter Schmidt-telescoop, die in 1971 operationeel werd.

Vandaag de dag staan alle koepels er nog steeds, hoewel de drie oudste telescopen ontmanteld zijn. De ESO 1-meter Schmidt-telescoop wordt nog wel gebruikt, maar als projecttelescoop ten behoeve van de LaSilla-QUEST Variability survey (zie potw1201a).

De meest recente foto toont twee nieuwe telescopen. In de zilveren koepel staat de MPG/ESO 2.2-meter telescoop, die wordt gebruikt wordt sinds 1984 en voor onbepaalde tijd door het Max-Planck-Gesellschaft beschikbaar is gesteld aan ESO. Helemaal links staat de Deense 1,54-meter telescoop - operationeel sinds 1979 - dit is één van de verscheidene nationale telescopen op La Silla.

Meer over La Silla Persbericht bij het 40-jarige jubileum, in 2009, van de inauguratie van La Silla

ESO tijdlijn


25 november 2008

Zonsondergang boven Paranal (panorama)

De Very Large Telescope (VLT) op de 2600 meter hoge Cerro Paranal is ESO’s belangrijkste instrument voor waarnemingen in het zichtbare en infrarode licht. Hij bevindt zich in de Chileense Atacamawoestijn. De vier telescopen, elk met een middellijn van 8,2 meter, zijn individueel in bedrijf met een grote verzameling instrumenten, en hebben al verbluffende wetenschappelijke ontdekkingen gedaan. 

De VLT biedt ook de mogelijkheid om het licht van de vier telescopen te combineren en als een interferometer te werken. De Very Large Telescope Interferometer (VLTI), met een eigen reeks instrumenten, levert beeldmateriaal op milliboogsecondenniveau en positiebepalingen met een nauwkeurigheid van 10 microboogseconden op. Behalve van de vier 8,2-meter telescopen maakt de VLTI gebruik van vier hulptelescopen met een middellijn van 1,8 meter diameter, die de beeldkwaliteit verbeteren en het mogelijk maken om het instrument het hele jaar door te gebruiken. 

Midden op het panorama is de behuizing van de VLT Survey Telescope (middellijn 2,6 meter) te zien. 


« Vorige 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6  
Resultaat 101 to 116 of 116
Bookmark and Share

Bekijk ook