Foto van de Week

3 september 2012

Een verrassende superbubbel

Dit is een kleurrijke, nieuwe weergave van het stervormingsgebied LHA 120-N44 [1] in de Grote Magelhaense Wolk, een klein, begeleidend sterrenstelsel van de Melkweg. In deze foto wordt een afbeelding in het zichtbare licht, gemaakt met de MPG/ESO 2.2-meter telescoop bij ESO’s La Silla Observatory in Chili, gecombineerd met afbeeldingen in infrarood- en röntgenstraling, gemaakt met satellieten in een baan om de aarde.

In het centrum van dit gebied dat rijk is aan gas, stof en  jonge sterren zit de sterrenhoop NGC 1929. De massieve sterren in deze sterrenhoop produceren intense straling, stoten materie uit met hoge snelheden als sterrenwind en sjezen door kun korte maar fantastische leven om te exploderen in een supernova. De schokgolven die veroorzaakt zijn door de wind en de supernova hebben een grote holte gevormd, een zogeheten superbubbel, in het omringende gas.

Opnamen met NASA’s Chandra X-ray Observatory (zichtbaar in het blauw) tonen hete regio’s die gecreëerd zijn door deze winden en schokgolven, terwijl de infrarood-data van NASA’s Spitzer Space Telescope (zichtbaar in het rood)  aanduidt waar koeler stof en gas gevonden kan worden. De afbeelding in het zichtbare licht (in het geel), gemaakt met MPG/ESO’s 2.2-meter telescoop, completeert de foto en laat de hete, jonge sterren en de omringende gloeiende wolken van gas en stof zien.

Door deze verschillende weergaven van dit gebied te combineren waren astronomen in staat een mysterie op te lossen: waarom stralen N44 en vergelijkbare superbubbels zo sterk in het röntgen? Het antwoord lijkt te zijn dat er twee extra emissiebronnen van heldere röntgenstraling aanwezig zijn: de supernovaschokgolven slaan tegen de wanden van de holten en heet materiaal verdampt aan de wanden van de holten. Deze röntgenemissie vanaf de wand van de superbubbel is duidelijk te zien op de foto.

Links

Notes

[1] De benaming van dit object geeft aan dat het opgenomen was in de Catalogus van H-alpha emissiesterren en -nevels in de Magelhaense Wolken, die samengesteld en gepubliceerd is in 1956 door de Amerikaanse astronoom en astronaut Karl Henize (1926-1993). De letter ‘N’ geeft aan dat dit een nevel betreft. Het object wordt vaak simpelweg als N44 aangeduid.


27 augustus 2012

De nacht valt over Paranal

Beeld u in dat u net een prachtige zonsondergang vanaf de top van Cerro Paranal heeft bekeken. Terwijl het beeld van de Atacama-woestijn langzaam vervaagt, opent ESO’s Very Large Telescope (VLT) zijn krachtige ogen. Met dit spectaculaire 360-graden panorama kunt u zich het uitzicht voorstellen vanaf de zuidelijke rand van VLT’s platform.

Op de voorgrond opent zich de vierde telescoop van VLT’s Auxiliary Telescopes (AT4). Aan de linkerkant is de zon al ondergegaan in de Grote Oceaan – bedekt met wolken die lager hangen dan Paranal, zoals gewoonlijk. Op de rest van het platform zijn voor de grote gebouwen van de vier 8,2-meter Unit Telescopes ook de andere drie Auxiliary Telescopes zichtbaar. De Residencia en andere faciliteiten zijn zichtbaar op enige afstand, nabij de rechter rand van de foto.

Beeld u in dat u ondergedompeld wordt in een immense stilte als de nacht begint. Een stilte die nauwelijks wordt onderbroken door de wind of door de vloeiende bewegingen van deze gigantische machines. Het is moeilijk te geloven dat er hard wordt gewerkt in het gebouw van waaruit waarnemingen worden gedaan met de VLT. Dit gebouw staat op de helling van de berg, net lager dan het platform, in de richting van de ondergaande zon. Hier starten astronomen en de operators van de telescoop de eerste waarnemingen van de nacht.

Links


20 augustus 2012

Laser-hulpster zwaait langs de sterrenhemel

Een krachtige laserstraal van ESO’s Very Large Telescope (VLT) kleurt de nachtelijke hemel boven de Chileense Atacama-woestijn op deze foto, die is genomen door Julien Girard. Door de rotatie van de aarde gedurende deze opname van 30 minuten – en de beweging van de laser om hiervoor te compenseren - lijkt het alsof de straal uitwaaiert. Hierdoor zijn ook de sterren uitgestrekt tot gebogen strepen, waardoor subtiele verschillen in hun kleur zichtbaar worden.

De laser wordt gebruikt om een punt aan de hemel te creëren – een kunstmatige ster - door natrium-atomen op 90 kilometer hoogte in de atmosfeer van de aarde op te laten lichten. Metingen aan deze hulpster worden gebruikt om te corrigeren voor het vertroebelende effect van de atmosfeer in astronomische observaties – een techniek die bekend staat als adaptieve optiek. Hoewel natuurlijke sterren die helder genoeg zijn ook worden gebruikt voor adaptieve optiek, kan een laser-hulpster overal gepositioneerd worden, wat betekent dat adaptieve optiek kan worden gebruikt voor objecten aan een groter deel van de hemel.

De vier grote koepels van de 8,2-meter Unit Telescopes van de VLT zijn zichtbaar op de foto, met de kleinere VLT Survey Telecope (VST) op de achtergrond. Julien is een ESO-astronoom in Chili, die werkt bij de VLT. In de nacht dat deze foto werd genomen werkte hij aan observaties met de meest rechtse Unit Telescope. Hij maakte gebruik van de gelegenheid om zijn camera en statief klaar te zetten voordat hij terugging naar het gebouw waarvandaan de waarnemingen worden gedaan.

De bewegingen van de koepels van de telescoop gedurende de lange opname zijn ook wazig net als de vage lichtstrepen die gemaakt zijn door mensen die over het platform tussen de telescopen liepen.  

Julien voegde deze foto toe aan de Your ESO Pictures Flickr group. De Flickr-groep wordt regelmatig bekeken en de beste foto’s worden geselecteerd voor onze populaire Foto van de week-serie of onze galerij. In 2012 zijn vanwege ESO’s 50-jarig jubileum ook historische ESO-gerelateerde foto’s welkom.  

Links


13 augustus 2012

Orion houdt de wacht over ALMA

Orion de Jager houdt hoog aan de Chileense nachthemel de wacht over de antennes van de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array (ALMA). Door zijn  duidelijke vorm van een zandloper en de drie heldere sterren in het midden die Orions riem vormen is dit sterrenbeeld makkelijk te herkennen. Op deze foto, die gemaakt is vanaf het zuidelijk halfrond, is ook Orions zwaard te zien boven de riem. In het zwaard is een van de meest verbluffende objecten van de nachtelijke hemel te vinden, de Orionnevel. Deze is zichtbaar als de middelste 'ster' in het zwaard. Onder goede omstandigheden is ook zijn neveligheid zichtbaar met het blote oog. 

De drie ALMA-schotelantennes op de foto vormen een klein deel van de complete ALMA-array die in totaal uit 66 schotelantennes gaat bestaan. ALMA combineert de signalen van zijn schotelantennes, die op afstanden tot 16 kilometer van elkaar staan, tot een gigantische telescoop. Dit wordt gedaan met behulp van een techniek die interferometrie wordt genoemd. Hoewel de bouw pas voltooid zal zijn in 2013, is eind 2011 al begonnen met de eerst wetenschappelijke waarnemingen met een deel van de schotelantennes. 

De uitzonderlijk goede omstandigheden op 5000 meter hoogte op de Chajnantor-hoogvlakte garanderen uitstekende waarneemcondities. Deze hoogvlakte behoort bij het voorgebergte van de Chileense Andes, een van de meest dorre regio's in de wereld. Een hoge, droge locatie zoals Chajnantor is essentieel want waterdamp en zuurstof in de atmosfeer van de aarde absorberen sterk de millimeter- en submillimeter- golflengtes van het licht waarin ALMA waarneemt.

Op het moment dat deze foto is genomen werden de schotelantennes getest bij het lager gelegen ALMA's Operations Support Facility op 2900 meter hoogte. Zodra de schotelantennes volledig waren getest en met apparatuur waren uitgerust, werden ze naar het Chajnantor-plateau getransporteerd om in bedrijf te worden genomen.

Deze foto is gemaakt door Adrian Russell die hem plaatste in de Your ESO Pictures Flickr groep. De beste foto's uit deze Flickr-groep worden geselecteerd voor onze populaire Foto van de Week-serie of onze galerij. In 2012 zijn ook historische ESO gerelateerde afbeeldingen welkom vanwege ESO's 50-jarig bestaan.  

ALMA, een internationale astronomische faciliteit, is tot stand gekomen door de samenwerking van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië met de Republiek Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden geleid door de ESO namens Europa, het National Radio Astronomy Observatory (NRAO) namens Noord-Amerika en het National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ) namens Japan. Het Joint ALMA Observatory (JAO) is verantwoordelijk voor het management van de constructie, ingebruikname en het gebruik van ALMA.

Links


6 augustus 2012

Van een zandweg naar 's werelds leidende observatorium

ESO wordt dit jaar vijftig. Om dat te vieren, nemen we je mee op reis door ons verleden. In heel 2012 tonen we elke maand een bijzondere ‘Toen en Nu’-foto. Met deze foto’s laten we zien welke veranderingen door de decennia heen hebben plaatsgevonden voor La Silla Obeservatorium, Paranal Observatorium, de ESO-kantoren in Santiago, Chili en het ESA-hoofdkantoor in Garching bei München, Duitsland.

Deze twee foto’s uit het noorden van Chili tonen het uitzicht vanaf de ingang van het Paranal Observatorium tot en met de top van Cerro Paranal, zoals het eruit zag in 1987 en hoe het erbij ligt in het heden.

De regio Cerro Paranal werd in 1983 voor het eerst gescout als mogelijke locatie voor de toekomstige Very Large Telescope (VLT). Dit werd gedaan door een team met onder andere de toenmalige ESO-directeur Lodewijk Woltjer (zie The Messenger, nr. 64, pp 5-8 voor meer informatie). In 1987 werd een onverharde weg naar de top aangelegd en een permanent station voor het meten van de weersomstandigheden opgericht. De historische foto toont het uitzicht van dat moment.

De meetgegevens van de locatie bleken zeer goed te zijn: de omstandigheden waren duidelijk beter dan die op ESO’s La Silla Observatorium en andere mogelijke locaties. Dit leidde in december 1990 tot het besluit van de ESO-Raad om de VLT op Paranal te ontwikkelen (zie eso9015).

In de 25 jaar sinds de historische foto is er veel veranderd op Paranal. De top van de berg is geëgaliseerd, er is een kwalitatief hoogwaardige weg aangelegd en natuurlijk zijn ook de telescopen van het observatorium gebouwd. Het complete en operationele observatorium is te zien op de foto van vandaag de dag. Op de top staan nu de vier 8,2-meter VLT-telescopen, samen met de vier kleine 1,8-meter Auxiliary Telescopes - gebruikt voor interferometrie - en de 2,6-meter VLT Survey Telescope. Bij de poort zijn vele gebouwen opgetrokken die samen het basiskamp van het observatorium vormen. Voor een blik in de tegenovergestelde richting, vanaf de bergtop naar beneden, kun je deze eerdere foto van de week (potw1230) bekijken.

Links


Vertaling: Teun van Vijfeijken


30 juli 2012

Een rode cocon vol jonge sterren

Hier op aarde associëren we cocons met nieuw leven. In de ruimte zijn er ook 'cocons' maar in plaats van een plek waar een pop transformeert tot vlinder, zijn deze cocons de geboorteplaats van nieuwe sterren.

De rode wolk op deze afbeelding, genomen met het EFOSC2-instrument op de New Technology Telescope van ESO, is een perfect voorbeeld van zo'n stervormingsgebied. De wolk heet RCW 88 en bevindt zich zich op een afstand van ongeveer tienduizend lichtjaar. Hij meet zo'n negen lichtjaar in doorsnee. Deze cocon is niet gemaakt van zijde, zoals die van een rups, maar van gloeiend waterstofgas dat de recent gevormde sterren omringt. De nieuwe sterren worden gevormd uit wolken van dit waterstofgas die bezwijken onder hun eigen zwaartekracht. Sommige van de meer ontwikkelde sterren schijnen al helder genoeg om ze door de waterstofwolk heen te zien stralen.

Deze hete, jonge sterren zijn energierijk en zenden grote hoeveelheden ultraviolette straling uit. Hierdoor worden de elektronen van de waterstofatomen in de wolk losgerukt en ontstaan er positief geladen kernen, protonen. Als deze protonen de negatief geladen elektronen vervolgens weer aantrekken, ontstaat het karakteristieke roodgloeiende H-alpha licht.

Het observeren van de hemel door middel van een H-alpha-filter is voor astronomen de makkelijkste manier om deze stervormingsgebieden te vinden. Het speciale H-alpha-filter is één van de vier filters die gebruikt zijn bij het maken van deze afbeelding.

Vertaling: Peter Middelkoop


23 juli 2012

Het basiskamp van Paranal van boven gezien

Gezien vanaf een uitkijkpunt op ESO's Very Large Telescope op Cerro Paranal in de Chileense Atacama-woestijn, strekt het basiskamp van het observatorium zich in de diepte uit. De Paranal Residencia, een toevluchtsoord voor degenen die op de berg werkzaam zijn, ligt links van het midden, met de koepel op het dak. Links van de Residencia, aan de andere kant van de weg, ligt de gymzaal van het kamp. Weer links daarvan is het Mirror Maintenance Buildig (MMB) gevestigd, waar de enorme VLT-spiegels periodiek worden gereinigd en voorzien van een nieuwe coating. Achter het MMB ligt de elektriciteitscentrale van het terrein, en verder naar links de mechanische werkplaats. Slingerend op de berghelling op de voorgrond zien we de Star Track, een wandelpad van de Residencia naar de top van de berg.

De zon kwam ongeveer een kwartier voor het nemen van deze foto op, waardoor het basiskamp baadt in een mooie, oranje gloed. Deze schemering zorgt voor zachte schaduwen die de heuvels grote diepte geven. Dit zicht op Paranal is er alleen tijdens de zogenaamde 'gouden uren' voor een zonsopgang of na een zonsondergang, omdat direct zonlicht overdag scherpe contrasten veroorzaakt.

Deze panoramische foto is gemaakt door ESO Photo Ambassador Gerhard Hüdepohl.

Links


Vertaling: Teun van Vijfeijken


16 juli 2012

Een ALMA-antenne op transport

Deze foto toont een van de Europese antennes, met een diameter van 12 meter van de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array (ALMA), terwijl deze wordt verplaatst op de 'Operations Support Facility'. Nadat deze foto genomen is, zijn de wetenschappelijke waarnemingen van ALMA gestart met behulp van een beperkt aantal antennes. (zie eso1137 ). Op donderdag 12 juli sloot de mogelijkheid om onderzoeken aan te vragen in de volgende fase van ALMA's waarnemingen. Er zijn meer dan 1100 voorstellen ontvangen van astronomen van over de hele wereld.

ALMA doet haar observaties vanaf het Chajnantor-plateau op een hoogte van 5000 meter. Als de bouw is voltooid, heeft ALMA een serie van 66 high-precision antennes van 12 en 7 meter, verspreid over een afstand van niet minder dan 16 kilometer, die samenwerken als een enkele telescoop op golflengten van 0,32 tot 3,6 millimeter. Meer dan de helft van de 66 antennes staat al op Chajnantor (zie ann12035 ). Vijfentwintig ALMA-antennes worden geleverd door ESO op basis van van een contract met het Europese AEM Consortium, 25 antennes worden geleverd door Noord-Amerika, en 16 door Oost-Azië.

De schotels, die elk een gewicht hebben van ongeveer 100 ton, worden geassembleerd en getest op de Operations Support Facility, op een hoogte van 2900 meter in de Chileense Atacama-regio. Daarna worden ze op een speciaal ontworpen transportvoertuig verplaatst naar de Chajnantor-hoogvlakte, 5000 meter boven de zeespiegel. De twee grote voertuigen rijden op 28 banden, zijn 10 meter breed, 20 meter lang en 6 meter hoog. Ze wegen 130 ton en hebben net zoveel kracht als twee Formule 1-motoren. Op deze foto zie je  een van de vehikels, genaamd Otto. De foto werd genomen in april 2011, toen de eerste Europese antenne werd overgedragen aan het observatorium.

ALMA is een internationale astronomische faciliteit. Het is een project van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Vertaling: Peter Middelkoop


9 juli 2012

Nieuw zicht op de Kattenpootnevel

De Kattenpootnevel is op een bijzondere manier in beeld gebracht door beelden van de MPG/ESO 2,2-meter telescoop te combineren met opnamen die zijn gemaakt door de expert amateur-astronomen Robert Gendler en Ryan M. Hannahoe. De kenmerkende vorm van de nevel wordt zichtbaar in opbollende wolken van rood gloeiend gas tegen een donkere, met sterren bezaaide hemel.

Het beeld is een samenstelling van bestaande waarnemingen met de 2,2-meter MPG/ESO telescoop van het La Silla Observatorium in Chili (zie ESO Fotopersbericht  eso1003 ), en 60 uur aan opnamen door een 0,4-meter telescoop van Gendler en Hannahoe.

De scherpte van de bestaande 2,2-meter MPG/ESO telescoopwaarnemingen (door gebruik te maken van de 'luminantie' of helderheid) vormt, samen met de kleurinformatie van Gendler en Hannahoe, een prachtige combinatie van data van amateur- en professionele telescopen. De extra kleurinformatie bijvoorbeeld, brengt de vage blauwe nevelgebieden in de centrale regio in beeld, die niet te zien zijn in het oorspronkelijke ESO-beeld, terwijl de ESO-gegevens bijdragen aan een fijnere detailweergave. Het resultaat is een afbeelding die veel meer prijsgeeft dan de spreekwoordelijke som der delen.

De Kattenpootnevel (ook bekend als NGC 6334) doet zijn naam eer aan en ligt in het sterrenbeeld Schorpioen. Hoewel het dicht bij het centrum van de Melkweg lijkt te staan, ligt het relatief dichtbij, op een afstand van ongeveer 5500 lichtjaar van de aarde. De doorsnede is ongeveer 50 lichtjaar en het is één van de meest actieve stervormingsgebieden in ons melkwegstelsel, met zware jonge briljantblauwe sterren, die zijn gevormd in de laatste paar miljoen jaar. Het bevat in totaal mogelijk tienduizenden sterren, waarvan sommige zichtbaar zijn en andere nog verborgen liggen in wolken gas en stof.

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


2 juli 2012

Een oase voor astronomen - ESO's Paranal Residencia toen en nu

ESO wordt dit jaar 50. En om deze belangrijke verjaardag te vieren, geven we u een inkijkje in onze geschiedenis. In 2012 tonen we eens per maand een speciale 'Toen en Nu'-vergelijking als foto van de week. We laten zien wat er de afgelopen decennia is veranderd op de sterrenwachten La Silla en Paranal, de ESO-kantoren in Santiago en het hoofdkwartier in Garching bij München, in Duitsland.

Sinds februari 2002 (zie eso0205) voorziet de Paranal Residencia in accommodatie voor de mensen die in ploegendienst werken bij dit vlaggenschip van ESO. Paranal, gelegen in de Chileense Atacama-woestijn, is het onderkomen van ESO’s Very Large Telescope (VLT). Deze maand geven onze 'Toen en Nu'-foto's - beide geschoten door ESO Photo Ambassador Gerhard Hudepohl - ons een uniek beeld van hoe deze oase in de woestijn werd gebouwd. 

De historische foto toont de in aanbouw zijnde Residencia aan het einde van 2000. Het gebouw is ontworpen door het Duitse architectenbureau Auer+Weber, en is gesitueerd rond een ondergrondse L-vorm. De bouwmaterialen hebben dezelfde kleur als de woestijn, waardoor het pand opgaat in het landschap en het gedeeltelijk afgewerkte centrale deel van de Residencia doet denken aan een amfitheater, met stenen lagen geopend voor de wolkenloze hemel.

Vandaag de dag ziet de Residencia er heel anders uit! Ondanks de ondergrondse locatie, creëert het onderscheidende ontwerp een interieur met een gevoel van open ruimte. De centrale hal wordt beschermd door een 35-meter brede glazen koepel, die natuurlijk daglicht in het gebouw doorlaat. Het steriele amfitheater van 2000 is opnieuw uitgevonden als een weelderige tropische tuin met een zwembad onderaan. Zowel de tuin als het zwembad is ontworpen om binnen de vochtigheid te verhogen, waardoor het personeel wat ontzien wordt van de extreem droge omstandigheden die buiten heersen, op een van de droogste plekken op aarde.

Dankzij het unieke ontwerp van de Residencia, is zijn bekendheid ook verspreid buiten de astronomische gemeenschap. Bijvoorbeeld toen hier in 2008 belangrijke scènes voor de James Bond-film Quantum of Solace gefilmd werden, waarvoor de Residencia de rol van het 'Perla de las Dunas’-hotel kreeg [1]. In 2009 werd de Residencia geselecteerd als een van de 'top 10 gebouwen van het decennium' door de Britse krant The Guardian (zie ann0940). En in 2012 kreeg het Paranal Observatorium, inclusief de Residencia, een rol in Land Rover's 'Perfect Places'-campagne (zie ann12008).

Opmerkingen
[1] Voor meer informatie over James Bond op Cerro Paranal, zie eso0807, eso0838 en http://www.eso.org/public/outreach/bond/BondatParanal.html

Links


25 juni 2012

Mars 2099?

Een koude donkere nacht op Mars, middenin een dorre woestijn. Een smalle door kunstlicht aangelichte weg slingert zich naar een eenzame, door mensen bewoonde buitenpost op de top van een oude berg. Of tenminste... dat is wat een sciencefiction fan zou kunnen maken van dit bijna onaardse uitzicht.

De foto toont eigenlijk ESO's Paranal Observatorium, de aardse thuisbasis van de Very Large Telescope (VLT). Toch kun je je er wel iets bij voorstellen. Misschien aan het eind van deze eeuw, een toekomstig uitzicht op Mars. Daarom gaf fotograaf Julien Girard deze foto de titel "Mars 2099".

Gelegen op 2600 meter hoogte, bevindt ESO's Paranal Observatorium zich in één van de droogste en meest desolate gebieden op aarde; de Chileense Atacama woestijn. Het landschap is zo Martiaans, dat de European Space Agency (ESA) en de NASA in deze regio de Mars rovers testen. Een ESA-team testte bijvoorbeeld onlangs de zelf-sturende Seeker rover, zoals te lezen is in ann12048 .

Dit beeld werd genomen in de schemering, vanaf de VISTA-onderzoek telescoop op een aangrenzende piek in de richting van de VLT in het zuidwesten. In het westen ligt de Grote Oceaan op ongeveer 12 kilometer van Paranal. Uit de top van Paranal lijkt de Melkweg op te rijzen, met het onmiskenbare herkenningspunt van de zuidelijke hemel - het Zuiderkruis.

Op Paranal, kan de lucht zo helder, en tijdens maanloze nachten, zo donker zijn dat alleen al het licht van de Melkweg genoeg is om schaduwen te creëren. Daarom koos ESO deze plek voor de VLT, en profiteert deze sterrenwacht van één van de beste observatieomstandigheden ter wereld.

Julien Girard is een ESO-astronoom gevestigd in Chili en werkzaam bij de VLT. Hij stuurde deze foto naar de Flickr pagina "Your ESO Pictures". De foto's in deze groep worden regelmatig beoordeeld en de beste foto's plaatsen we als Foto van de Week, of in onze photo gallery. In 2012, als onderdeel van de 50-jarig jubileum jaar ESO's, zijn ook uw historische ESO-gerelateerde beelden welkom.

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


18 juni 2012

Yepun's laser en de Magelhaense Wolken

Een van de belangrijkste vijanden van astronomen is de aardse atmosfeer, waardoor de hemellichamen wazig worden weergegeven als ze vanaf de grond door telescopen worden waargenomen. Om dit tegen te gaan, gebruiken astronomen een techniek met de naam 'adaptive optics', waarbij computergestuurde vervormbare spiegels honderden keren per seconde worden aangepast, om zo de vervorming van de atmosfeer corrigeren.

Dit spectaculaire beeld toont Yepun, de vierde 8,2-meter-telescoop van de Very Large Telescope (VLT), die een krachtige gele laserstraal de lucht in stuurt. De straal zorgt voor een kleurrijke plek - een kunstmatige ster - in de atmosfeer doordat hij op een hoogte van 90 km een laag van natriumatomen activeert. Deze Laser Guide Star (LGS) maakt deel uit van het adaptieve optisch systeem van de VLT. Het licht dat terugkomt van de kunstmatige ster dient als referentie voor het aansturen van de vervormbare spiegels. Op deze manier corrigeert men de invloed van atmosferische verstoringen vrijwel volledig. De VLT maakt hierdoor astronomische beelden die bijna zo scherp zijn als die van een telescoop in de ruimte.

Yepun's laser is niet het enige dat fel aan de hemel gloeit. Ook de Grote en Kleine Magelhaanse Wolk, respectievelijk links en rechts van de laserstraal, zijn te zien. Deze onregelmatige dwergstelsels zijn opvallende objecten aan de zuidelijke sterrenhemel, ze staan relatief dichtbij en kunnen gemakkelijk met het blote oog worden waargenomen. De prominente heldere ster aan de linkerkant van de Grote Magelhaense Wolk is Canopus, de helderste ster in het sterrenbeeld Carina (Kiel). De ster rechts bovenin het beeld is Achernar, de helderste in het sterrenbeeld Eridanus (de rivier).

Deze foto werd gemaakt door Babak Tafreshi, een ESO Photo Ambassador.

Noten [1] De vier telescopen van de VLT zijn vernoemd naar hemellichamen in de inheemse Mapuche-taal, Mapudungun. De telescopen (UTS) heten: Antu (UT1, zon); Kueyen (UT2, Maan); Melipal (UT3, het Zuiderkruis) en Yepun (UT4, Venus).

Vertaling: Peter Middelkoop

Links


11 juni 2012

Een waterval van sterren

Veel astronomische foto's bieden prachtige vergezichten op de hemel, en deze is daarop geen uitzondering. Hoewel er aan dit panorama wel iets ongewoons is. Achter ESO's Very Large Telescope (VLT), lijken twee banen van sterren zich als een waterval naar beneden te storten, of misschien stijgen ze wel op als rookkolommen. Dat komt doordat dit panorama de gehele hemelkoepel weergeeft, van het zenit naar beneden tot aan de horizon, en daarlangs 360 ​​graden rond. De twee stromen zijn in feite één band: het vlak van onze melkweg dat als een boog langs de hemel loopt, van horizon tot horizon. Het gedeelte recht boven ons wordt uitgerekt over de gehele bovenrand van het panorama. De vervorming die nodig is om het volledige hemelgewelf in een vlak, rechthoekig beeld te persen

Om te begrijpen wat je ziet, kun je je voorstellen dat de linkerrand van de foto wordt vastgemaakt aan de rechterkant, zodat het beeld in een lus om je heen staat en dat de bovenrand wordt samengetrokken naar een punt boven je hoofd. Zo word je omringd door de volledige hemelkoepel.

Aan de linkerkant van het beeld, boven het gebouw, is het silhouet te zien van een paal met windzak. Aan de linkerkant van de windzak, zie je als heldere vlek de Kleine Magelhaense Wolk, een naburig sterrenstelsel van de Melkweg. Aan de rechterkant, in het vlak van de Melkweg, de rode gloed van de Carina-nevel. Daarboven de duisternis van de Kolenzaknevel, naast de het Zuiderkruis, en iets hoger nog zijn de twee heldere sterren Alpha en Beta Centauri zichtbaar. De vier hoge gebouwen in de afbeelding huisvesten de 8,2-meter Unit Telescopes (UTs) van de VLT. Tussen de twee UTs aan de rechterkant staat het kleinere gebouw van de VLT Survey Telescope. Aan de rechterkant van het beeld staat de planeet Venus nog net boven de horizon als een gloeiende bol.

Dit panorama, waarin niet alleen de VLT op de bergtop van Cerro Paranal, maar ook de prachtige hemel erboven die door het observatorium wordt bestudeerd te zien is, werd gemaakt door ESO Foto Ambassadeur Serge Brunier. Net zoals de VLT's state-of-the-art technologie ons zicht op het universum vergroot, maakt Serge gebruik van de meest geavanceerde fototechniek om in één beeld het hele uitspansel vast te leggen. - veel meer dan onze ogen in één blik kunnen omvatten.

Vertaling: Peter Middelkoop

Links


4 juni 2012

Computergebruik bij ESO door de jaren heen - De verbazingwekkende technologische vooruitgang

Verschuif het groene balkje om de foto's met elkaar te vergelijken.

ESO wordt dit jaar 50. En om deze belangrijke verjaardag te vieren, geven we u een inkijkje in onze geschiedenis. In 2012 tonen we eens per maand een speciale 'Toen en nu'-vergelijking als Foto van de week. We laten zien wat er de afgelopen decennia is veranderd op de sterrenwachten La Silla en Paranal, het ESO-kantoor in Santiago de Chile en het hoofdkwartier in Garching bij München, in Duitsland.

De foto's van deze maand laten zien hoe in de tijd de door ESO gebruikte rekenkracht drastisch is veranderd. Beide foto's tonen hetzelfde beeld maar gescheiden door enkele decennia: de Oostenrijkse astronoom Rudi Albrecht voor een ESO computersysteem.

Op deze historische foto, genomen in 1974 op het ESO-kantoor in Santiago, Chili, zien we hoe Albrecht met een potlood in de hand en gezeten voor een telex, zich buigt over een vel computercode. Hij werkt aan software voor de Spectrum Scanner gekoppeld aan de ESO 1-meter telescoop (ontmanteld in 1994), die zich op het La Silla Observatorium bevond. De gegevens werden verwerkt in Santiago met de Hewlett Packard 2116 minicomputer die zichtbaar is achter de printer. Deze omvangrijke computer met één processor en een adembenemende 16 kilobytes aan magneetkerngeheugen (!), bewaarde de resultaten op magneettape. Het was dan klaar voor verdere verwerking door astronomen op computers in hun eigen instituten. Om bestanden van tape te verwerken die groter waren dan het beschikbare geheugen, ontwikkelde Albrecht een virtueel geheugen, wat tevens een bijdrage was aan het Hewlett Packard Software Center.

De hedendaagse foto toont Albrecht in het Datacenter van het ESO-hoofdkwartier in Garching bij München, Duitsland. dat de gegevens van de ESO-telescopen beheert en verspreidt. Hij staat voor een rek met daarin een systeem dat bestaat uit 40 processoren, 138 terabytes aan opslagcapaciteit en 83 gigabyte aan RAM-geheugen. Dat is 5 miljoen keer meer dan de machine die door hem werd gebruikt in 1974! Alleen al de tabletcomputer die hij vasthoudt presteert beter dan die oude machine en biedt een modern alternatief voor potlood en papier. In de loop der jaren zijn de ESO-computersystemen ontwikkeld om de steeds groter wordende stroom wetenschappelijke data, afkomstig van telescopen van het observatorium, te kunnen blijven vastleggen. Verbeteringen in de telescopen, detectoren en computertechnologie zorgen ervoor dat observatoria nu grote hoeveelheden beelden, spectra, en catalogi produceren. De twee survey-telescopen op Paranal bijvoorveeld, de VST en VISTA, produceren samen meer dan 100 terabyte aan data per jaar. De dagen van magneetband en 16 kilobyte aan geheugen liggen inmiddels lichtjaren achter ons.

vertaling: Peter Middelkoop


28 mei 2012

De zuidelijke Melkweg boven ALMA

ESO Photo Ambassador Babak Tafreshi legde dit opmerkelijke beeld van de antennes van de Atacama Large Millimeter / submillimeter Array (ALMA) vast, afgezet tegen de pracht van de Melkweg. De rijkdom van de avondhemel op deze foto getuigt van de onvolprezen astronomische omstandigheden van de 5.000 meter hoge Chajnantor-hoogvlakte in de Chileense regio Atacama.

Deze weergave toont de sterrenbeelden Carina (Kiel) en Vela (Zeilen). De donkere, piekerig stofwolken van de Melkweg stroken van het midden linksboven naar midden rechts onderaan. De heldere oranje ster in de linkerbovenhoek is Suhail in Vela, terwijl we boven in het midden, in Vela, de eveneens oranje ster Avior zien. Van de drie heldere blauwe sterren die een 'L' in de buurt van deze sterren vormen, behoren de linker twee tot Vela en de rechter tot Carina. Precies in het midden van het beeld, onder deze sterren, pronkt de roze gloed van de Carinanevel (eso1208).

ESO, de Europese partner in ALMA, verstrekt 25 van de 66 antennes die de telescoop complementeren. De twee antennes die het dichtst bij de camera staan, waarop de zorgvuldige kijker de markeringen "DA-43" en "DA-41" ziet, zijn voorbeelden van deze Europese antennes. De bouw van de volledige ALMA-opstelling wordt afgerond in 2013, hoewel de telescoop nu al waarnemingen met een deel van de antenneopstelling mogelijk maakt.

Babak Tafreshi is de oprichter van The World At Night, een programma voor het maken en exposeren van een prachtige fotocollectie en time-lapse video’s van `s werelds mooiste en meest historische plaatsen tegen een nachtelijke achtergrond van sterren, planeten en hemelse gebeurtenissen.

ALMA is een internationale astronomische faciliteit. Het is een project van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Vertaling: Teun van Vijfeijken


21 mei 2012

IJzige boetelingen in het maanlicht op Chajnantor

Babak Tafreshi, een van de ESO Photo Ambassadors, heeft een vreemd fenomeen op de Chajnantor-hoogvlakte vastgelegd, de locatie waar de Atacama Large Millimeter/submillimeter array (ALMA) staat.

Deze bizarre ijs- en sneeuwformaties staan bekend als penitentes (Spaans voor boetelingen). De penitentes worden verlicht door het schijnsel van de maan, die rechts op de foto zichtbaar is. Links, hoger hemelwaarts, zien we de Grote en Kleine Magelhaense Wolken zwakjes, terwijl de roodachtige gloed van de Carinanevel helemaal links en dicht bij de horizon zichtbaar is.

De penitentes zijn natuurwonderen die voorkomen in hooggelegen regio’s boven de 4.000 meter boven zeeniveau, zoals hier in de Chileense Andes. Ze bestaan uit dunne pieken en sprieten van ijs en hard geworden sneeuw. Penitentes ontstaan vaak in clusters, waarbij de sprieten op de zon gericht staan. De hoogte varieert van enkele centimeters - lijkend op gras - tot vijf meter, als een bevroren woud midden in de woestijn.

De exacte details over het ontstaan van de penitentes zijn nog steeds niet helemaal duidelijk. Vele jaren geloofden de bewoners van de Andes dat de sterke wind die het Andesgebergte geselde de penitentes vormde. Maar die sterke wind speelt maar een beperkte rol in het ontstaan van deze ijzige toppen. Vandaag de dag denkt men dat het komt door een combinatie van natuurkundige fenomenen.

Het proces begint bij zonlicht dat op de sneeuw valt. Door de zeer droge omstandigheden in deze woestijnregionen, sublimeert het ijs in plaats van dat het smelt: er is een directe overgang van vaste fase naar de gasfase, waarbij de vloeibare fase wordt overgeslagen. In holtes in het sneeuwoppervlak wordt gereflecteerd licht opgevangen, waardoor er meer sublimatie en diepere sleuven ontstaan. Doordat de temperatuur en de luchtvochtigheidsgraad toenemen, kan het ijs in deze sleuven wél smelten. Deze positieve terugkoppeling versnelt de groei van de karakteristieke vorm van de penintentes.

Deze ijzige standbeelden zijn vernoemd naar de puntige hoeden van de nazarenos, leden van een bondgenootschap dat deelneemt aan paasprocessies over de hele wereld. Het is niet moeilijk om hen te zien als ijsmonniken die samenkomen in het maanlicht.

De foto werd genomen aan de weg die naar ALMA leidt. Dit observatorium, waar de eerste wetenschappelijke waarnemingen starttn op 30 september 2011, zal uiteindelijk bestaan uit 66 hoge-precisie-antennes die samen één enorme telescoop vormen.

ALMA, een internationale astronomische faciliteit, is een samenwerkingsverband van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Links

Vertaling: Teun van Vijfeijken


7 mei 2012

Drie zeer verschillende telescopen op La Silla

ESO wordt dit jaar 50. En om deze belangrijke verjaardag te vieren, geven we u een inkijkje in onze geschiedenis. In 2012 tonen we eens per maand een speciale 'Toen en Nu'-vergelijking als foto van de week. We laten zien wat er de afgelopen decennia is veranderd op de sterrenwachten La Silla en Paranal,  de ESO-kantoren in Santiago de Chile en het hoofdkwartier in Garching bij München, in Duitsland.

Deze twee foto's werden genomen op de hoogste top van La Silla, een berg met een hoogte van 2400 meter, aan de rand van de Chileense Atacama-woestijn. La Silla was de eerste ESO-sterrenwacht. De historische foto, genomen in 1975, toont een deel van de vrachtwagens en andere machines die gebruikt werden tijdens de bouw van de koepel van de ESO 3,6-meter telescoop die aan de gang was achter de fotograaf. Links op de foto staan de tanks met de watervoorraad voor de La Silla site.

Op de recente foto zijn drie nieuwe telescopen verschenen die uiterlijk nogal van elkaar verschillen. Rechts van de watertanks staat de ESO New Technology Telescope (NTT), die in gebruik is genomen op 23 maart 1989. Deze 3,58-meter telescoop was de allereerste telescoop met een computergestuurde hoofdspiegel, waarvan de vorm aanpasbaar is om zo tijdens de observaties de beeldkwaliteit te optimaliseren. De achthoekige behuizing van de NTT bevat nog een andere technologische doorbraak. Met behulp van een kleppensysteem wordt een luchtstroom gecontroleerd over de spiegel geleid met als resultaat een verminderde turbulentie en daardoor scherpere beelden.

Rechts van de NTT staat de Zwitserse 1,2-meter telescoop Leionard Euler, met een traditionelere koepelvormige behuizing. Deze telescoop wordt beheerd door het Geneva Observatory van de Université de Genève in Zwitserland, en is operationeel sinds 12 april 1998. Hij wordt gebruikt voor de zoektocht naar exoplaneten aan de zuidelijke hemel en zijn eerste ontdekking was een planeet in een baan rond de ster Gliese 86 (zie eso9855). De telescoop observeert daarnaast veranderlijke sterren, gammaflitsen en actieve sterrenstelsels.

Rechts op de voorgrond staat een gebouw met als bijnaam de sarcofaag (sarcophagus). Dit is de huisvesting van de TAROT (Télescope à Action Rapide pour les Objets Transitoires, of Rapid Action Telescope for Transient Objects) en is in werking op La Silla sinds september 2006. Deze snel bewegende, relatief kleine 25-centimeter telescoop-robot reageert uiterst snel op de waarschuwingssignalen die satellieten doorgeven over de positie van spectaculaire maar kortdurende gammaflitsen. Met het observeren van deze kosmische explosies bestuderen astronomen de vorming van zwarte gaten en de evolutie van sterren in het vroege heelal. TAROT wordt  bediend door een consortium onder leiding van Michel Boer van het Observatoire de Haute Provence in Frankrijk.

De NTT wordt beheerd door ESO, terwijl de Leonhard Euler Telescope en TAROT horen bij de nationale- en projecttelescopen die worden gehost op La Silla. Ook vandaag de dag nog, meer dan 40 jaar na de opening, opereert la Silla in de voorhoede van de astronomie.

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


30 april 2012

Zon, maan en telescopen boven de woestijn

De buitenaardse schoonheid van de Chileense Atacama-woestijn, de thuisbasis van ESO’s Very Large Telescope (VLT), strekt zich uit tot aan de horizon in dit panorama.  Op Cerro Paranal, de hoogste top in het midden van deze foto, staan de vier grote telescopen van de VLT, elk met een spiegeldiameter van 8,2 meter. Op de top links van Cerro Paranal staat de VISTA survey telescoop. Deze 4,1-meter telescoop onderzoekt grote delen van de hemel, op zoek naar interessante doelen die de VLT, en andere telescopen op de grond en in de ruimte, in meer detail zullen bestuderen.

Deze regio biedt enkele van de beste omstandigheden op onze planeet voor het bekijken van de nachtelijke hemel. Rechts op dit 360-graden panorama gaat de zon onder boven de Stille Oceaan, die daarbij lange schaduwen over het berglandschap werpt. Links straalt de maan aan de hemel. Kort hierna zullen de nachtelijke observaties beginnen.

Dit prachtige panorama is gemaakt door Serge Brunier, een ESO foto ambassadeur. Het is een van de vele inspirerende beelden waarin hij de ESO-observatoria , hun mooie locaties en de pracht van de hemel erboven vastlegt.

Links

Vertaling: Peter Middelkoop


23 april 2012

De maan en de boog van de Melkweg

Eso fotograaf Stephane Guisard maakte in de Chileense Andes dit verbazingwekkende panorama van de plek waar ALMA (Atacama Large Millimeter/submilimeter Array) staat. Het 5000 meter hoge en extreem droge Chajnantor-plateau biedt de perfecte plaats voor deze state-of-the-art telescoop, die het heelal bestudeert in licht uit het millimeter en submillimeter golflengtegebied.

Tal van reusachtige antennes domineren het midden van de foto. Als ALMA voltooid is, staan er 54 van deze 12-meter schotels. Daarboven doet de boogvormige Melkweg dienst als schitterend decor. Toen dit panorama gemaakt werd, stond de maan dicht bij het centrum van de Melkweg waardoor de antennes baden in een spookachtige, nachtelijke gloed. De grote en kleine Magelhaense Wolken, de grootste van de dwergsterrenstelses die onze melkweg vergezellen, zijn links aan de hemel zichtbaar als twee lichte vlekken. Een bijzonder heldere meteoor trekt een lichtspoor in de buurt van de Kleine Magelhaense wolk.

Rechts staan een aantal kleinere 7-meter ALMA-antennes. Twaalf stuks vormen straks de Atacama Compact Array. Nog verder naar rechts schijnen de lichten van de Array Operations Site Technical Building en tot slot, achter de gebouwen, dreigt de donkere top van Cerro Chajnantor.

ALMA, een internationale astronomische faciliteit, is een samenwerkingsverband van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Links

vertaling: Peter Middelkoop


16 april 2012

APEX, de schildwacht van Chajnantor

De Atacama Pathfinder Experiment (APEX) telescoop is naar de hemel gericht tijdens een heldere, maanverlichte nacht op Chajnantor. Chajnantor is een van de hoogstgelegen en droogste waarnemingslocaties ter wereld. Astronomische juweeltjes vullen de hemel boven de telescoop: de nalatenschap van de uitstekende omstandigheden die deze locatie in Chili's Atacama-regio biedt.

Links stralen de sterren die onderdeel uitmaken van het sterrenbeeld Scorpius (de Schorpioen). De angel van de Schorpioen wordt verbeeld door de twee heldere sterren die opvallend dicht bij elkaar te vinden zijn. De band die de hele hemel bestrijkt en op vage, stralende wolken lijkt, is het vlak van onze Melkweg.

Naast de Schorpioen zien we het sterrenbeeld Sagittarius (de Boogschutter) boven APEX' schotel. Tussen de Schorpioen en de Boogschutter is een fonkelende cluster sterren duidelijk zichtbaar. Dit is de open sterrenhoop Messier 7, ook wel bekend als de Ptolemaeuscluster. Eronder en iets naar rechts vinden we de Vlindercluster: Messier 6. Verder naar rechts – nét boven de schotel van APEX – zien we een vage wolk die eruitziet als een heldere vlek. Dit is de beroemde Lagunenevel (bekijk eso0936 voor een close-up).

Met een primaire schotel met een diameter van 12 meter is APEX de grootste submillimeter-golflengte-telescoop met een enkelvoudige schotel op het zuidelijk halfrond. Zoals de naam van de telescoop doet vermoeden, effent hij de weg voor het grootste submillimeterobservatorium ter wereld: de Atacama Large Millimeter/submilliter Array (ALMA), dat in 2013 gereed moet zijn (zie ook eso1137). APEX deelt het gebied met de 66 antennes van ALMA op de 5.000 meter hoge Chajnantor-hoogvlakte in Chili. De APEX-telescoop is gebaseerd op een prototype dat voor het ALMA-project is ontwikkeld en gaat op zoek naar zo veel mogelijk doelen die ALMA in ongekend detail zal gaan bestuderen.

ESO Photo Ambassador Babak Tafreshi heeft dit panoroma geschoten met een telelens. Babak is daarnaast ook de oprichter van The World At Night, een programma waarbinnen adembenemende foto’s en time-lapse-video’s worden gemaakt en tentoongesteld van bijzondere (historische) plekken tegen de achtergrond van sterren, planeten en andere hemelverschijnselen.

Meer informatie

APEX is een samenwerkingsverband van het Max-Planck-Institut für Radioastronomie (MPIfR), de Onsala Space Observatory (OSO) en ESO. Het gebruik van de telescoop is toevertrouwd aan ESO.

ALMA is een internationale astronomische faciliteit. Het is een project van Europa, Noord-Amerika en Oost-Azië, in samenwerking met Chili. De constructie en het gebruik van ALMA worden namens Europa geleid door ESO, namens Noord-Amerika door de National Radio Astronomy Observatory (NRAO) en namens Oost-Azië door de National Astronomical Observatory of Japan (NAOJ). De Joint ALMA Observatory (JAO) leidt de samenwerking in goede banen en overziet de constructie, de commissioning en het gebruik van ALMA.

Links


Vertaling: Teun van Vijfeijken


« Vorige 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 Volgende »
Resultaat 101 to 120 of 126
Bookmark and Share

Bekijk ook